Wouter Vermin

Wouter Vermin is momenteel CEO van Bioterra, het milieutechnisch bedrijf uit Opglabbeek dat onderdeel is van de Group De Cloedt en zich bezighoudt met het onderzoeken en verwerken van verontreinigde bodems, slib en minerale afvalstoffen en het uitvoeren van volledige saneringsprojecten. Hij studeerde in 1998 af als licentiaat biologie aan de Universiteit Gent. Zijn kandidaturen volgde deze geboren en getogen Diepenbekenaar evenwel aan het LUC.

Wouter Vermin: “Ik heb een jaar bio-ingenieur gedaan in Leuven, maar ben dat eerste jaar niet geslaagd, ondanks hard werken. Ik heb er toen wel de liefde voor de pure biologie ontdekt en wilde daarin verder studeren. Dat ben ik dan in Diepenbeek komen doen omdat ik echt niet tevreden was over de K.U.Leuven. Het LUC was een modernere universiteit en de begeleiding in Diepenbeek was ook veel beter. In Leuven zaten we in de practica met zoveel volk dat je het nog bezwaarlijk een praktijkklas kon noemen. Aan het LUC werkte je met kleine, overzichtelijke groepen, was het contact met de lesgever veel intenser en kreeg je veel meer de kans om effectief praktijkkennis op te doen.”

Wereldvermaard labo
Wouter was al van kleins af aan geïnteresseerd in wetenschappen: “Ik heb in de humaniora de richting Wetenschappen gevolgd, maar was niet specifiek geïnteresseerd in biologie. Die interesse is er pas gekomen tijdens dat jaar bio ingenieur waar ik een vak plantkunde kreeg dat mij onmiddellijk boeide. Tijdens de stages is dan de belangstelling voor dierkunde ontstaan.
“Voor mijn doctoraat ben ik teruggekeerd naar Diepenbeek, naar het wereldvermaarde labo van professor Ernest Schockaert waar ik een thesis schreef over de systematiek van turbularia (kleine platwormen die tussen de zandkorrels leven, nvdr). De toenmalige assistent, Tom Artois, had in die periode al door dat hij dat onderzoek moest uitbreiden naar ecologie. Dat bleek een goede zet te zijn.”
Intussen is Vermin ook de ecologische sector ingerold, met name bij Bioterra waar hij terecht kwam na een jaar onderzoek naar zware metalen. Wouter: “Na mijn thesis deed ik al onderzoek naar de invloed van zware metalen op flora in het Centrum voor Milieukunde (CMK) bij professor Jaco Vangronsveld. Men wilde toen ook een onderzoekscentrum opstarten naar die invloed op fauna. Ik heb dan gedurende een jaar onderzoek gedaan naar de invloed van zware metalen op regenwormen. We waren op dat ogenblik al bezig met het toevoegen van producten aan de grond waardoor die metalen niet meer geschikt zouden zijn voor fauna en flora. Maar na een jaar had ik nog geen zicht op vast werk en moest ik vechten voor subsidies voor ieder project.”

Grensoverschrijdend
“Ik wilde wel enige vastheid van job en inkomen en ben toen gaan uitkijken naar ander werk. Ik heb enkele brieven geschreven, werd uitgenodigd voor een sollicitatiegesprek bij Bioterra en kon meteen aan de slag. Ik zag toen al in dat ecologie een van dé sectoren met toekomst was en dat het een grensoverschrijdend probleem zou gaan worden, zeker in Noord-Limburg waar heel wat vervuilende bedrijven gevestigd waren.”
Wouter Vermin bleef geboeid door het veldwerk en het onderzoek. Hij koos niet – zoals de meeste biologen – voor het onderwijs. Wouter: “Dat was voor mij absoluut geen optie. Ik ben te graag bezig met veldwerk, met onderzoek. Ik verveel me geen moment, ook al heb ik tegenwoordig als CEO een pak administratief en organisatorisch werk.”

Veldwerk
“Ik dwing mezelf om voeling te blijven houden met het veldwerk, ook al wordt dat moeilijker en moeilijker. Toen ik hier begon was ik de vierde medewerker. Nu geef ik leiding aan meer dan twintig mensen en coördineer ik een aantal zaken in verschillende bedrijven uit onze groep, zowel in Vlaanderen als in Wallonië.”
“Als ik opnieuw kon beginnen zou ik precies dezelfde keuze maken. Voor jonge mensen ligt er een boeiende markt open, zeker in deze tijd nu ecologie een booming sector is. Die markt diversifieert zich, je bent constant bezig met het zoeken naar nieuwe technologieën en niches. Daarnaast leer ik nu ook andere vaardigheden zoals communiceren met mensen en overheden, leiding geven, het omgaan met mensen, planningen opmaken. Het enige waar ik niet goed in ben, maar waarin ik sterk ondersteund wordt door de hoofdzetel, is de boekhouding. Praat me niet van ebita en resultaten voor of na belastingen. Dat is voer voor accountants, niet voor biologen (lacht).”

“Zeer enthousiast en vlot spreker – veel praktijkvoorbeelden”
“Visueel/veel foto’s = goed”
Deelnemers over de opleiding 'Zomeropleiding milieu Themazaal BODEM EN SANERINGEN | bodemsaneringstechnieken en de keuze van de beste techniek voor uw terrein: grondreinigingstechnieken ex situ'